Begrippen:
Kenniseconomie
Zakelijke dienstverlening
Creatieve stad
Scienceparks
Broedplaatsen
Duale arbeidsmarkt
Sociale ongelijkheid
Stedelijke gebieden
De economie van de stad
Leerdoelen
-
Je kent de betekenis van de begrippen, je moet ze kunnen herkennen en kunnen gebruiken.
-
Je weet dat de creatieve beroepen in steden de motor zijn van de kenniseconomie en steeds belangrijker worden.
-
Je begrijpt op welke manier de creatieve sector steden economisch laat groeien.
Je hebt in het eerste thema geleerd dat de beroepsbevolking van centrumlanden vooral werkzaam is in de tertiaire sector. Mensen verdienen geld met het 'verkopen' van hun kennis. Ook Nederland heeft een kenniseconomie.
In de loop van de jaren negentig komt de stad helemaal terug als creatieve stad, een stad met een hoog aandeel werkenden in de creatieve beroepen. Dat omvat beroepen in de kunst, media en entertainment, maar zeker ook de creatieve zakelijke dienstverlening (mode interieurontwerpers, reclamebureaus, architecten) Uit onderzoek is gebleken dat vooral de creatieve sector een motor achter de economische ontwikkelingen is geweest.
Opdracht A
Bekijk het fragment op Staat van de Creatieve stad door Daria Bukvic
Daria Bukvic is een Nederlands-Bosnische toneelregisseuse. In 2015 werd haar voorstelling Nobody Home geselecteerd voor Het Theaterfestival, als een van de opmerkelijkste toneelvoorstellingen van dat jaar.
a. Waarom wordt juist Daria gevraagd om op de nieuwjaarsreceptie van de Staat van de Creatieve stad te spreken?
Inventariseer of er in jouw buurt bedrijven zijn in de creatieve sector. Bekijk in elk geval de kunst- en erfgoedsector, de media en entertainment en de creatieve zakelijke dienstverlening, met behulp van google maps.
Opdracht B
Niet alleen Amsterdam probeert de stedelijke economie te stimuleren door het aantrekken van creatieven.
Onderzoek of er in Nederland nog meer steden zijn die met een dergelijk project als de herstructurering van het NSDM-terrein creatieven naar hun stad proberen te trekken. Beschrijf in het kort de plannen van een van die projecten en op welke activiteiten zich men specifiek richt. Bekijk of dit wordt gedaan in een publiek-private samenwerking.
Planning
WEEK 1 9 t/m 15 januari
Les 1
Introductie thema
Les 2
WEEK 2 16 t/m 22 januari
Les 1
Les 2
WEEK 3 23 t/m 29 januari
Les 1
Les 2
WEEK 4 30 januari t/m 5 februari
Les 1
Evaluatie week 2 en 3
Les 2
Introductie eindopdracht (buurtprofiel, Onveiligheid en openbare ruimte)
WEEK 5 6 t/m 12 februari
Les 1
Werken aan de eindopdracht
Les 2
Werken aan de eindopdracht
Generale PO
WEEK 6 13 t/m 19 februari
Les 1
Werken aan de eindopdracht
les 2
Finale PO
20 t/m 26 februari
Voorjaarsvakantie
FINALEWEEK
(27 februari t/m 6 maart
Toets Stedelijke gebieden
Bufferweek
(7 t/m 12 maart)
Uitvoeren excursie